DEBUTANT EMMANUEL VAN BAVEL

‘Dankzij Ad Smulders ben ik herintreder geworden’
Clubgenoot Leo van Gelder wist hem over te halen waardoor hij op zijn
zeventigste zijn toernooidebuut maakt. Hoge verwachtingen heeft hij niet maar Brabander Emmanuel van Bavel (virtuele rating 904) hoopt wel in een van zijn partijen ‘voor een kleine verrassing’ te kunnen zorgen.

Stel jezelf even voor.
Ik ben 70 jaar en woon in Tilburg met mijn vrouw, een dochter van een Molukse KNIL-militair (dat Molukkers ook goed kunnen dammen bewijst David Riupassa). Ik heb psychologie gestudeerd. Als werkloos academicus heb ik daarna een omscholing naar de IT gedaan.
Vanaf begin 2025 ben ik lid van Dammend Tilburg. Voor de provinciale  clubcompetitie speel ik in het tweede viertal van Dammend Tilburg en voor de nationale clubcompetitie in het tweede achttal van Damcombinatie Tilburg – Eindhoven.
Naast dammen heb ik als hobby elektrisch gitaar spelen. Tenslotte ben ik vrijwilliger bij Notre Dame in Tilburg, een woonzorgcentrum
voor zusters FDNSC en paters en broeders MSC.

Wanneer ben je gaan dammen en waardoor?
In mijn kindertijd heb ik thuis wel gedamd, als spelletje met broertjes en zusjes. Serieuzer werd het toen ik op de middelbare school zat en Teleac een cursus dammen op televisie uitzond met Ton Sijbrands. Het cursusboek uit 1970 heb ik nog steeds.

Hoe verliep je damloopbaan? Doe je ook thuis ook aan dammen?
Het zal in 1975 geweest zijn dat ik lid ben geworden van damclub DAVO in Tilburg. In die tijd heb ik ook enkele damboeken aangeschaft om me wat meer in de theorie te verdiepen, bijvoorbeeld Beter Dammen van Ton Sijbrands en Philip de Schaap en Prisma-damboek van R.C. Keller. Ik heb ook nog een Saitek damcomputer gehad. Mijn lidmaatschap duurde slechts een jaar of twee. Daarna heb ik tientallen jaren niet meer in clubverband gedamd.
Enkele jaren geleden ontmoette ik toevallig Ad Smulders, erelid van Dammend Tilburg, die ik nog kende van mijn tijd bij DAVO. Ik ben een aantal keer bij hem geweest om op zijn kamer een dampartij te spelen. Ook heb ik hem een keer meegenomen naar de clubavond van Dammend Tilburg. Dat heeft er toe geleid dat ik lid geworden ben van Dammend Tilburg. Ad is in november overleden.
Na mijn ‘herintreding’; heb ik Turbo Dambase aangeschaft en een aantal damboeken van Kats, Sijbrands, Baljakin en Getmanski. Nu moet ik nog proberen om me de inhoud van die boeken eigen te maken.
Daarnaast kijk ik graag naar YouTube-video’s over dammen, zoals de masterclasses van Ton Sijbrands en Ester van Muijen over de Roozenburg-opening. Clubgenoot Ad de Hoon geeft af en toe ook een soort masterclass bij hem thuis en die volg ik ook.
Verder speel ik wel eens een partijtje op de smartphone met de app Draughts 10×10 of lidraughts.

Wel eens wat gewonnen? Waar ben je het meest trots op?
De grootse prestatie tijdens mijn beperkte damcarrière is geweest dat ik in 1977 kampioen van groep B van DAVO ben geworden.
Daarvan heb ik een metalen prijsje en een diploma van de Koninklijke Nederlandse Dambond.

Wel eens wat bijzonders/leuks meegemaakt?
Ik heb een keer in en simultaan tegen Harm Wiersma gespeeld. Hoewel ik al snel uit was vond ik het een bijzondere ervaring om tegen zo’n grootheid te spelen.

Wat is voor jou de aantrekkingskracht van dammen?
Dat is dat je, terwijl je alle combinatieve valkuilen moet zien te ontwijken, probeert om positioneel voordeel te behalen en dat je dat voordeel langzaam maar zeker moet weten uit te bouwen zodat het groot genoeg wordt om je tegenstander op de knieën te dwingen. Daarnaast kan ik standen op het dambord esthetisch mooi vinden. Partijen met flankaanvallen spreken mij meer aan dan klassieke partijen.

Vierde ronde
De topper in de vierde ronde tussen Frank Teer en Edwin de Jager leverde geen vuurwerk op. Beide koplopers speelden met de handrem op waardoor de partij in ruim een uur rustig naar remise kabbelde. Hert duo kreeg gezelschap van Daaf Kasse die een sterke partij speelde tegen Coen Bommel, die altijd wel wil dammen. Zijn aanvalslust leverde hem wel een kromme stand op waar de Zeeuwse oud-winnaar bekwaam van profiteerde. Hij brak door naar dam en rondde de klus onberispelijk af.
Het leidende drietal wordt op de hielen gezeten door een pelotonnetje van elf spelers. Anton Schotanus en Alfons Ottink maakten er samen een mooie partij van met interessante positiewisselingen. Ottink zat aan de goede kant van het bord maar Schotanus bleef binnen de remiseperken. Anton Kosior en Ruud Kloosterman hielden elkaar klassiek in evenwicht. Kosior wikkelde af naar een eindspel met een schijf meer dat echter potremise was. Peter van der Stap en Han Seinhorst trokken in het late middenspel nog even de trucendoos open maar het veel stelde het allemaal niet voor.
Paul Teer handhaafde zich bovenin. Joost Hooijberg had ook dit keer de betere positie maar zijn tempovoordeel bleek door de goede defensie van zijn opponent niet toereikend voor de winst.

Finesse
Ook Andrew Tjon A Ong meldde zich weer in de bovenste regionen. Hij nam de oude vos Raphaël Zdroviak met een bekende maar altijd toch weer verrassende finesse al snel te grazen. Cock van Wijk liet tegen Anthony Keijzer de kansen keren en Theo van den Hoek kreeg in het eindspel Hans Kreder nog te pakken.
Onderin staan nu alleen Leo van Gelder en Hans Knobbe nog op nul. Zij verloren respectievelijk van Matthijs Broek en Henk Jan Out die daarmee hun eerste punten veroverden.

Dit vind je misschien ook leuk...